Verhaal van Laurens

Ik ben 2 weken zwanger. Het is 06h00 en ik fiets naar mijn werk. Het regent pijpenstelen en ik ben blij dat ik regenkledij aan heb. Aangekomen op mijn werk zie ik dat mijn broek nat is. Ik dacht eerst dat het van de regen was en toen zei ik: dat kan niet want dan zouden mijn benen ook nat zijn.

Ik ga naar het toilet en ik zie dat ik bloed verlies. Ze zeggen als het helderrood bloed is dat de kans op een miskraam groot is. Ik ben helemaal van slag en ze brengen me naar huis.

Met een bang hart ga ik diezelfde dag nog naar de gynaecoloog waar gelukkig alles in orde blijkt te zijn.

Zo verlies ik elke maand 3 tot 4 keer bloed. En elke keer denk ik: nu ben ik mijn kindje kwijt.

De gynaecoloog zet me thuis en ik krijg verplichte platte rust. Wanneer ik 12 weken zwanger ben, doen we de NIP-test. Daaruit blijkt dat we een meisje krijgen. We zijn dolgelukkig want we hoopten op een meisje.

Op 18 weken verlies ik water. Ik denk dat het urine is maar toch ga ik voor alle zekerheid naar de gynaecoloog. Alles ziet er goed uit maar ik moet 1 week later terug komen voor controle. In die week blijf ik elke dag wat vocht verliezen. De ene dag al meer dan de ander. De week is om en ik ga terug op controle.

Nu blijkt dat ik vruchtwater verlies. Ik moet naar het ziekenhuis en word opgenomen. Ik ben nu 19 weken zwanger. Mocht ik nu bevallen is er geen overlevingskans voor ons kindje.

Op 20 weken krijgen we te horen dat we moeten weten wat we gaan doen mocht ons kindje een achterstand krijgen in de buik. Moeten we de zwangerschap stopzetten of gaan we alles op alles zetten om ons kindje te redden? Zolang ons kindje geen achterstand vertoont gaan we verder.

Op 22 weken krijg ik telefoon van Hasselt: uw NIP-test is niet correct. Dit gaat om het geslacht. Ik doe een 2de test: u krijgt een jongen. Ik voel me teneergeslagen want een meisje zou sterker zijn en een grotere overlevingskans hebben bij een extreme vroeggeboorte dan een jongen maar we blijven hopen. Wonder boven wonder haal ik de 23 weken. We moeten onze keuze qua ziekenhuis doorgeven voor de transfer.

We durven terug een beetje dromen. De grens van levensvatbaarheid komt in zicht. Wanneer ik 23,3 weken ver ben brengen ze me naar CHC montlégia in Luik. Mocht ik nu bevallen is er hoop. Ze geven me medicatie voor de longrijping en weeënremmers.

Op 24,2 weken en 24,4 weken krijg ik last van weeën. Ik krijg de hoogst mogelijke dosis qua medicatie. Als dit niet helpt, zal ik bevallen.

31 juli ben ik 25,6 weken. Het is 03h15 en ik word wakker omdat ik een rare beweging voel in mijn buik. Om 07h51 beval ik van een zoontje genaamd Laurens. Ik moet rusten want ik heb een spoedkeizersnede gehad. 2 dagen later ‘loop’ ik al terug rond. Ik heb pijn maar ik moet en zal naar mijn zoon gaan. Ik heb zelfs geen geduld om te wachten tot wanneer ze me kunnen brengen.

6 augustus is de eerste keer dat ik mijn zoontje mag vasthouden.

9 augustus krijgt hij een operatie vanwege zijn ductus die niet wil sluiten.

1 week later wordt hij terug geïntubeerd omdat hij moeite heeft met ademen.

Op 3 september wordt ons gevraagd hoe ver we willen gaan om hem in leven te houden. Moeten ze blijven proberen, ook al gaat dit dan ten koste van zijn levenskwaliteit? Ze halen alles uit de kast en gaan voor de hoogst mogelijke dosis qua medicatie die een minimum aan schade toebrengt. Helpt dit niet, dan is het einde verhaal.

Nu, 24 september is Laurens 2 maanden oud. Zijn gecorrigeerde leeftijd is 33,5 weken. We zijn er nog niet maar ons zoontje leeft.

Een dikke merci aan VZW kleine held voor de prachtige, liefdevolle foto’s.

Vergelijkbare berichten